Henk vindt

Kunst en oorlog

'Guernica', Pablo Picasso
Welke rol speelt kunst in oorlogstijd? Dat was de titel van een zogenaamde werkbijeenkomst van de KNAW, Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen. Er waren een aantal sprekers met verhalen en bespiegelingen en online was er een spreken uit Kiev. Vooral de Oekraïense spreker had het in bijna iedere zin over het fascistische Rusland met hun fascistische leiders. Begrijpelijk allemaal. Er werden zelfs parallellen getrokken met de situatie van na de Eerste Wereldoorlog. De vernedering van Duitsland die er mede voor gezorgd zou hebben dat deTweede Wereldoorlog kon ontstaan. Zo zou Rusland na het vallen van de muur en het einde van de ‘Koude Oorlog’ vernederd zijn door het westen. Allemaal theorieën en verhalen, maar steeds geen antwoord op de vraag welke rol kunst moet of kan spelen in oorlogstijd.

En er werd nogal op aangedrongen dat we moeten stoppen met het importeren van olie en gas uit Rusland. Op die manier zouden we de Russen economisch flink te pakken kunnen nemen en zouden we bovendien ons zelf een dienst bewijzen door versneld over te gaan op groene energie.  (Filemon Wesselink had in zijn tv-programma “Filemon en de Complotten’ op 25-4-’22 iemand aan het woord die hier zelfs een vooropgezet plan in zag. Om ons allemaal zo snel mogelijk van het gas en de olie af te krijgen hadden “ze” alles, inclusief de oorlog in Oekraïne georganiseerd. Onze Lieve Heer heeft vreemde kostgangers!)

De bijeenkomst bij de KNAW liep richting de pauze en er was nog steeds niks concreets gezegd of voorgesteld. Nog geen enkel antwoord of begin van een antwoord op de vraag: Welke rol speelt kunst in oorlogstijd? In de pauze sprak ik er over met een collega en samen zijn we vertrokken. Het tweede deel hebben we niet meegemaakt. Misschien hebben we iets gemist, maar ik denk het niet. Ik denk niet dat er een geweldig plan is ontstaan om vanuit de kunsten de oorlog te kunnen stoppen.

Kunst speelt wel degelijk een rol in oorlogstijd en natuurlijk komt er binnenkort kunst naar voren die de verschrikkingen en idiotie laat zien van de huidige oorlog. Het valt alleen niet te organiseren. Ook niet door hen die menen te weten hoe, waar en wanneer kunst moet ontstaan of gemaakt moet worden. Het doet me denken aan de Guernica van Picasso. Picasso had de opdracht van de Spaans Republikeinse regering om een schilderij te maken voor de Expo in Parijs. Het beoogde onderwerp voor het schilderij was de persoonlijke situatie van Picasso met Dora Maar en Thérèse Walter. Dat veranderde meteen toen de eerste berichten werden gepubliceerd over het opzettelijk bombarderen van burgers in Guernica. Picasso schilderde de man met het afgebroken zwaard, het angstige paard, de Spaanse stier en de moeder met het dode kind. De Guernica. Het schilderij hing in 1937 op de Expo in Parijs en ging daarna op rondreis. In 1956 hing het in Brussel en in het Stedelijk in Amsterdam. Uiteindelijk kwam het in het MoMa in New York waar het een verzamelplaats werd voor tegenstanders van de oorlog in Vietnam. Na de omzwervingen hangt het schilderij nu in Museo Nacional Centro de Arte Reina Sofia in Madrid.

De Guernica van Picasso is het bewijs dat kunst over de waanzin van oorlog wel degelijk iets doet met mensen. Meestal doet het iets met die mensen die het toch al wisten. De idioten die een oorlog beginnen kijken denk ik nooit in de spiegel. In ieder geval nooit in de spiegel die de kunst voor hen kan zijn. Ik kijk uit naar de Guernica van deze tijd, laat me niet te lang wachten…..

Henk Hofstra

columnoverzicht